Zo’n inspanningstest, dat is toch niks voor mij?

inspanningstest

Waarom een inspanningstest niet alleen voor topatleten is!

“Zo’n inspanningstest? Nee, niets voor mij. Ik ben een ‘gewone’ loper.” Ik hoor het regelmatig, maar vraag je door dan zijn we stiekem met z’n allen toch best heel serieus met onze sport bezig. Doen we regelmatig aan een wedstrijd mee, willen toch wel wat sneller worden of wat kilootjes afvallen.

Het is wel begrijpelijk dat een inspanningstest toch vaak gelinkt wordt aan topsport. Velen zien een plaatje voor zich met een sporter op een fiets met zo’n mondkapje op, stickers op het lijf geplakt, allemaal apparatuur rondom, die zich volledig in het zweet trapt.
Zo’n sporter die de hele dag met niets anders bezig is dan de beste te willen worden en prijzen wil winnen. Het zal je verbazen maar ook door wedstrijd sporters wordt een inspanningstest vaak als overdreven gezien. Wij amateur sporters staan dus niet alleen. Zit toch een beetje in ons Nederlanders ”Doe maar gewoon, doe je al gek genoeg”.

Maar als je regelmatig traint of meedoet aan sportevenementen en -wedstrijden dan is een inspanningstest echt wel iets voor jou. Of als je beter wilt worden, echt wilt presteren maar ook tijd wilt hebben voor je gezin, vrienden en je werk én je niet na elke training een dag moet bijkomen, dan is een inspanningstest de investering meer dan waard.

Wat kan ik?

Er is helemaal niets mis met het beste in jezelf naar boven willen halen. Een inspanningstest geeft je inzicht in jouw mogelijkheden. Wat is je talent, waar sta je nu? Kan je bijvoorbeeld die 10 km sneller lopen? Of is een andere sportieve uitdaging voor jou haalbaar? Wat is nu eigenlijk je vermogen en VO2max?

Waar kan ik aan werken?

Een inspanningstest geeft je inzicht. Je weet bijvoorbeeld op welke hartslagen je het beste kunt trainen om je prestaties te verbeteren. En dat geldt voor elk niveau, niet alleen topsporters. Vaak zijn sporters verbaast als ze minder of langzamer moeten trainen om beter te worden. De andere kant kan ook, dat er te voorzichtig wordt getraind. Dan zal er meer uitdaging moeten komen, harder moeten worden getraind.

‘De man met de hamer’ gaat aan jou voorbij!

Naast je hartslagzones weet je ook je omslagpunt (verbranding met zuurstof gaat over naar verbranding zonder zuurstof). Dit is het moment waarop je meer melkzuur aanmaakt dan je gebruikt voor je inspanning. Letterlijk ‘verzuren’. Als je weet wat jouw omslagpunt is, heb je invloed en controle over ‘de man met de hamer’.

Duidelijke doelen stellen

Je weet na een inspanningstest ook je VO2max (=zuurstofopname per kilogram lichaamsgewicht). Deze laat de mate zien waarin je lichaam in staat is om zuurstof om te zetten naar energie. Hiermee kun je een realistische inschatting maken van je mogelijkheden. Voor bijvoorbeeld alle gangbare loopafstanden kun je tot op de minuut de te verwachten eindtijd bepalen. Deze eindtijd geeft je weer informatie over welke energiesystemen je daarbij aanspreekt om die afstand af te leggen en daar horen dan weer specifieke trainingstijden en hartslagen bij. Die je dus ook zult tegenkomen tijdens je wedstrijd.

Persoonlijk trainingsplan

Als je dus weet waar je kunt verbeteren, wat je doel is en hoeveel beschikbare tijd je hebt voor training, kan er een gericht trainingsplan worden opgesteld. Een plan dat rekening houdt met jouw verbeterpunten, dat ruimte/tijd heeft voor herstel, werk en privé.

Gericht trainen geeft een beter resultaat

Weten wat je doet, waarom je het doet. Een uur trainen op het inspanningsniveau dat je tijdens de wedstrijd ook loopt is vele malen waardevoller dan uren trainen op een inspanningsniveau dat je tijdens de wedstrijd niet tegenkomt. Klinkt logisch toch? Je zult het ook terug zien in je trainingsresultaten!

Gericht trainen betekent ook dat als je de trainingsprikkel hebt bereikt, de training klaar is. Je trainingen nemen dan dus minder tijd in beslag. Je houdt meer tijd over om te herstellen van je training en dat is fijn, want het herstel zorgt er namelijk voor dat je beter wordt dan je was.

Hoe vaak moet ik een inspanningstest doen?

Als je gezondheid goed is en daar geen echt grote veranderingen in zijn, kun je zo’n 5 jaar trainen met de resultaten uit een inspanningstest.

Ja, ik wil een inspanningstest doen!

 


Gerard (41), Utrecht

“Toen ik eenmaal inzicht had in mijn mogelijkheden, kon ik veel efficiënter trainen, werden mijn resultaten ook beter en had ik er nog meer plezier in!“

Saskia (53) uit Gouda

“Die test was super leuk om te doen! Ik ben echt helemaal tot het gaatje gegaan. En zo leuk dat je ook een eindtijd van een afstand best goed kunt voorspellen :-)”

Leave a Reply